Vrijdag de 13e april stond de eerste training op Assen op de planning, met aansluitend de volgende dag de kwalificaties en de race. Ik was erg benieuwd hoe het zou gaan met rijden, ik had immers al iets meer dan een half jaar niet meer op de motor gezeten en de laatste keer dat ik op de motor zat, schoof ik de grindbak in. De vraag was dus of ik snel weer de tijden kon rijden die ik vorig jaar op Assen reed. Het antwoord op die vraag werd me al snel duidelijk, nee dus. De eerste sessie reed ik een 2:08 (tegen een 1:56 snelste tijd vorig jaar). Ik was even ‘vergeten’ hoe hard het ook al weer ging. Te vroeg remmen, te langzaam insturen en te laat weer op het gas. Tijdens de laatste drie trainingsessies bleef ik constant steken op een 2:02. Ik probeerde van alles en begon steeds geforceerder en krampachtiger te rijden, elke ronde vloekend in mezelf als ik weer op mijn laptimer keek… daar werd het dus allemaal niet beter van. Ik was niet de enige die daar last van had, vooral de rijders die in de winter de circuits in Spanje en Zuid-Frankrijk niet opgezocht hadden, kwamen moeilijk in hun ritme.
De racedag besloot ik het anders aan te pakken, ik race immers voor de fun. Ik besloot tijdens de 1e kwalificatie mijn laptimer niet aan te doen (hierop kan ik mijn rondetijden tijdens het rijden zien) en ‘gewoon’ relaxed te gaan rijden en te kijken waar het schip strandt. Dit resulteerde in een 17e tijd in de B-groep met een 2:01.5. Er zat in ieder geval weer progressie in. De tweede kwalificatie, wilde ik onder de 2 minuten rijden, dit lukte net niet, een 2:00.3 leverde een 16e plaats op. Doordat er in de andere groepen ook stevig door werd gereden, werd ik voor de race ingedeeld in de C-groep en wel op de 3e plaats. Ik had liever in de B-groep gereden, maar strijden om het podium is ook niet verkeerd.
Mijn start was niet bijzonder goed, ik kwam als 4e de eerste bocht uit. Ik kon de eerste drie goed bijhouden en wisselde in de eerste ronden steeds tussen positie 3 en 4, met enkele mooie inhaalacties. Op een gegeven moment waren de rijders op positie 2 en 3 zo druk bezig elkaar in te halen in de Strubben, dat ik een gaatje zag en de twee rijders binnendoor voorbij stak in de Strubben. Ineens lag ik op de 2e positie en kon de aanval ingezet worden op de koppositie. Dit was een GSX-R750, waar ik langzaam op inliep door mijn hogere bochtensnelheid, echter op de rechte stukken verloor ik steeds weer enkele meters. De leider in de wedstrijd nam de Strubben iets te wijd en ik zat er dicht genoeg op om in dit gat te duiken, echter op het laatste moment stuurde hij toch verder naar binnen, waardoor ik niet kon passeren. Hierdoor verloor ik veel snelheid en werd het gat ongeveer 100 meter. Ik wist dat het nu moeilijk zou gaan worden, omdat ik wel iets in kon lopen, maar op de rechte stukken verloor ik teveel. De ronden daarna begon de spierpijn van de dag ervoor en de warmte me een beetje parten te spelen. Hierdoor maakte ik kleine foutjes, waardoor ik de aansluiting verloor. Kort hierop werd ik ingehaald door een Ducati 1098, wederom een dikke 1000 die op het rechte eind voorbij kwam blazen. Tot overmaat van ramp werd ik ook nog ingehaald door een R6, die ik eerder met een paar mooi inhaalacties wel achter me kon houden. Het groepje voor me schroefde in de laatste ronden het tempo nog iets op, ik kon helaas niet volgen en kwam als 4e over de finish. Ontzettend lekker gereden, maar net geen podium. Volgende keer beter!
In de race toch nog een 1:59.6 gereden, die rondetijden van vorig seizoen laten niet lang meer op zich wachten. Het waren 2 leuke dagen met ontzettend mooi weer en veel mensen die de moeite hadden genomen om mijn verrichtingen te komen bekijken, waarvoor allen bedankt!